Handelingsgericht en opbrengstgericht werken
Alle scholen werken volgens de principes van handelings- en opbrengstgericht werken. Dit betekent onder meer:

  • Een positief schoolklimaat en een goede kwaliteit van onderwijs vormen de basis
  • We denken, praten en werken in mogelijkheden en oplossingen voor alle kinderen, ook voor kinderen met extra onderwijsbehoeften
  • De leerkracht is de spil; zij richt het onderwijs planmatig in, passend bij de onderwijsbehoeften van de kinderen uit haar groep
  • We betrekken ouders als partner en ervaringsdeskundige
  • We werken doelgericht; steeds is het doel ieder kind naar beste kunnen te laten presteren

 

Basisondersteuning op iedere school
Iedere school heeft een onderwijsaanbod

  • voor leerlingen met een minder dan gemiddelde intelligentie
  • voor (hoog)begaafde leerlingen
  • voor leerlingen met leerproblemen (denk hierbij bv. aan dyslexie, ernstige rekenproblemen
  • voor leerlingen met extra onderwijsbehoeften op het gebied van gedrag

Ook leerlingen met extra onderwijsbehoeften als gevolg van

  • spraak-taalproblematiek
  • slechthorendheid
  • slechtziendheid
  • lichamelijk-motorische beperkingen

zijn op de basisscholen welkom.

Iedere school maakt eigen keuzes hoe ze het onderwijs inricht en dit geldt ook voor de manier waarop ze het onderwijs aan leerlingen met extra onderwijsbehoeften vorm geeft. Op de websites van de scholen is hier meer informatie over te vinden.
Op de scholen is veel expertise aanwezig op het gebied van leerlingen met extra onderwijsbehoeften.
Wanneer de school behoefte heeft aan aanvullende expertise kan ze een beroep doen op externe specialisten. Dit gebeurt altijd in overleg en met toestemming van de ouders.
Soms lijkt het voor een school niet mogelijk om een leerling het onderwijs te bieden die hij nodig heeft. Dat kan blijken bij de aanmelding van de leerling of later in de schoolperiode. Samen met de ouders bespreekt de school dan mogelijke alternatieven en vervolgstappen

Ondersteuningsstructuur op iedere school
Iedere school

  • werkt met een systeem van groeps- en leerlingbesprekingen. Tijdens een groepsbespreking worden het functioneren en de prestaties van de groep als geheel besproken. Bij dit gesprek zijn tenminste leerkracht en intern begeleider (ib’er) aanwezig. Tijdens een leerlingbespreking wordt ingezoomd op de onderwijsbehoeften van een specifieke leerling. Het verschilt per school en per casus welke personen hier naast leerkracht en ib’er bij aanwezig zijn.
  • hanteert het CITO-leerlingvolgsysteem. Twee keer per jaar wordt middels methodeonafhankelijke toetsen in beeld gebracht wat de vorderingen van iedere leerling zijn op (tenminste) het gebied van taal, lezen en rekenen.
  • werkt met een volgsysteem voor de sociaal-emotionele ontwikkeling, dat tenminste een keer per jaar wordt ingevuld voor iedere leerling
  • registreert de leerlinggegevens in een leerlingdossier. Ouders hebben inzagerecht in het dossier.
  • heeft een intern begeleider (ib’er) aangesteld. De belangrijkste taak van de ib’er is het ondersteunen van de leerkrachten bij de begeleiding van leerlingen met extra onderwijsbehoeften. Om deze functie naar behoren te kunnen uitoefenen heeft de ib’er een aanvullende opleiding gevolgd.
  • heeft alle schoolafspraken rond de ondersteuning van leerlingen met extra onderwijsbehoeften op schrift staan.